woensdag 19 februari 2020
Homepage | regelgeving | Zingen in gevangenschap

Zingen in gevangenschap

In Azië behoort het houden van zangvogels in een kooitje al eeuwenlang tot de volkscultuur. Regionaal leidt dit inmiddels tot serieuze problemen en verdwijnen vogelsoorten uit het wild omdat ze daar weggevangen worden. Op Java bijvoorbeeld, waar de vogelbeschermers van Burung Indonesië hard werken om de traditie om te buigen. Maar hoe zit het in andere landen, bijvoorbeeld in Singapore en Vietnam?
Singapore, zondagmorgen

We bevinden ons in de wijk Ang Mo Kio in de metropool Singapore. In deze welvarende staat komen leden van de Kebun Baru Birdsinging Club elke dag bijeen om hun vogels tegen elkaar te laten zingen. Op zondag is het extra druk. Tussen torenhoge opeengepakte wolkenkrabbers – elke vierkante meter grond is hier veel geld waard – beschikt de vogelzangclub over een groot terrein. Op een open ruimte ter grootte van een voetbalveld staat om de paar meter een soort vlaggenstok opgesteld. In elke mast hangt bovenin een vogelkooitje met daarin een vogel, vooral parelhalstortels, Oosterse tortels en zebraduifjes. Doordat ze elkaar zien en horen worden de vogels gestimuleerd luider en mooier te zingen dan de buurman. Elke vlaggenstok is genummerd en aan de rand van het veld houden de vogelliefhebbers de verrichtingen van hun vogels in de gaten.
Zingende vogelkooien
De club telt zo’n driehonderd leden, die thuis allemaal een – maar meestal meer – kooitjes met een vogel houden. Die eeuwenoude cultuur is een bijna unieke mannenaangelegenheid en gaat over van vader op zoon. In alle vroegte gaan de leden met hun vogelkooitjes van huis en ontmoeten elkaar op de club. De zangtrainingen duren van 06.00 tot 12.00 uur, want dan zijn de vogels op hun best.
Behalve duiven worden ook andere soorten gehouden, zoals damalijsters en shamalijsters. Kleurrijke tropische vogels, die bekend staan om hun melodieuze zang.
Met gesloten ogen waan je je hier in de Hof van Eden. Overal om je heen klinkt luide vogelzang in een afwisselend repertoire. Kijk je om je heen, dan treffen de zingende vogelkooien je recht in je ziel. Elke vogel in een kooitje is er één minder in de natuur.
Grof prijzengeld
Er heerst een ontspannen sfeer tijdens de zangtraining, ondanks het feit dat er binnenkort een grote wedstrijd gehouden wordt. Voor de kampioen ligt een prijzengeld klaar van SP$ 100.000,- (Singaporedollar), gelijk aan ongeveer € 65.000,-. Er staat dus veel op het spel. En dat niet alleen. Vogels die het goed op de wedstrijd doen, stijgen aanzienlijk in prijs. Van € 650,- voor een veelbelovend talent tot wel € 35.000,- voor een kampioensvogel.

Meneer Chan staat ons welwillend te woord en vertelt dat de kampioen van vorig jaar een dame is. Ze is een van de weinige vrouwen die lid is en heeft dankzij haar vogels fortuin weten te maken. Binnen de club staat ze in hoog aanzien en ook komende wedstrijd gooit ze weer hoge ogen.
Hobby voor het leven
Chan behoort zelf tot de middenmoot. “Toen ik veertien jaar was, kwam er thuis een witbrauwlijstergaai door het raam binnen vliegen. Hij was ontsnapt bij mijn buurman en van hem mocht ik de vogel houden. Dat was het begin van mijn hobby, nu dertig jaar geleden.”

In de weekends toog de jonge Chan met zijn witbrauwlijstergaai, een kaneelbruine merelgrote vogel met opvallende witte oogring en –streep, naar het bos. “Daar hoorde hij andere vogels zingen en trainde ik hem zijn zang te verbeteren. Tegenwoordig gaan we niet meer met onze vogels naar het bos of park, maar trainen ze met filmpjes op YouTube.”

Hij geeft toe dat het de laatste jaren wel stil is geworden in de bossen.
Hoezo kweken?
Een andere favoriete zangvogel bij de Singaporezen is de brilvogel. Ze zijn zo klein als een pimpelmees; geelgroen van kleur met een kenmerkende witte oogring. Zingen doen ze als de beste. Ook roodoorbuulbuuls zijn geliefd. Het is een slanke spreeuwgrote vogel met witte wangen, rode oogvlek en een kenmerkende kuif. Ze leven in parken en grote tuinen.

Bij leden van de Kebun Baru Birdsinging Club is de roodoorbuulbuul een van de meest gewilde soorten. “Hij is prachtig om te zien, zingt goed en is betaalbaar, omdat hij nog algemeen voorkomt,” aldus Chan. Als ik hem vraag of men ook met vogels in gevangenschap kweekt, kijkt hij me verbaasd aan. “Waarom zou je ze met veel moeite kweken, als er in het wild nog volop rondvliegen? De meeste vogels worden geïmporteerd vanuit Indonesië, China en Vietnam.”

Onder een ruim afdak hangen ze met tientallen bij elkaar. Elke roodoorbuulbuul in een eigen kooitje, typisch van vorm met een puntdak. De vogels zingen uit volle borst – in gevangenschap.

bron:vogelbescherming
foto:globaltimes

Een zangwedstrijd in Thailand

Bekijk ook

Vader en zoon na jaren van klachten voor de rechter voor verven papegaaien

Het verschil tussen een geelvleugelara en een groenvleugelara lijkt miniem. Toch mogen alleen de eerste ...

2 opmerkingen

  1. Waarom ook daar? géén geringde vogels .zijn ze buitengesloten.
    Het niet inzenden of in het bezit hebben met een niet ,gesloten ring zou ook daar verboden moeten zijn,
    Je kunt niet alles uitbannen, maar is het begin,van iets,

  2. Op Schier één kukeleku in de mast en de “deskundigen” spreken over dierenmishandeling , en hier kraait er geen haan naar.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *