vrijdag 21 september 2018
Homepage | inheemse vogels | Het grote vogelweekend: zo hard sloeg ziekte toe bij merels in Vlaanderen

Het grote vogelweekend: zo hard sloeg ziekte toe bij merels in Vlaanderen

De koolmees stoot voor het eerst in vijf jaar de huismus van de troon als meest getelde vogel in Vlaamse tuinen. De huismus belandt op de tweede plaats. De kauw en de vink voerden een nek-aan-nekrace om de derde plaats, die voorlopig gewonnen wordt door de kauw. De merel bereikt, zoals verwacht, een historisch dieptepunt als gevolg van het usutuvirus. Dat zijn de eerste resultaten van de vogeltelling van het afgelopen weekend, meldt Natuurpunt. Die werd met meer dan 29.400 tellers een recordeditie. Er werden in totaal ruim 536.000 vogels geteld.
Grote verschuivingen in de top 3 dit jaar. De koolmees, vorig jaar nog op de vijfde plaats, klopt de huismus als meest getelde vogel in Vlaamse tuinen. Ook die andere bekende mees, de pimpelmees, scoort met een vijfde plaats veel beter dan vorig jaar (plaats 8). Oorzaak: het broedseizoen van 2017 was voor mezen opnieuw beter dan in 2016 en daarnaast kregen ze versterking van mezen uit het noordoosten, die hun broedgebied verlaten hebben door een gebrek aan voedsel.
Maar het geslaagde inhaalmanoeuvre van de koolmees heeft ook te maken met de mindere prestatie van de huismus: vorig jaar zaten er huismussen in 51 procent van de tuinen, nu was dat het geval in amper 46 procent. Dat is een vrij drastische achteruitgang. Tot 2012 waren ze nog in meer dan 60 procent van onze tuinen aanwezig.

Met z’n vierde plaats – nipt na de kauw – doet de vink het goed in de tuinvogeltelling en zit de soort de kauw op de hielen. Maar vooral opvallend was dat bijzondere vinkensoorten zich bij ons lieten zien. Top of the bill was de appelvink, een forse vink met krachtige snavel die zich in andere jaren zelden bij ons laat zien. Dit jaar waren er al 1.059 meldingen van deze soort. Maar ook kepen en distelvinken deden het opvallend beter dan andere jaren.

De merel stond tijdens het vogelweekend van 2017 nog op de tweede plaats en was in het hoogste aantal tuinen aanwezig, toch toonde de soort hier en daar verzwakte aantallen, vooral in Limburg en Antwerpen. Nadat het usutuvirus in de zomer van 2017 een tweede keer toesloeg, zijn de gevolgen helaas veel duidelijker zichtbaar: de merel zakt dit jaar naar een dramatische achtste plaats. Op Vlaams niveau was hij in slechts 76 procent van de tuinen aanwezig. Ter vergelijking: in 2015, 2016 en 2017 was dat respectievelijk 94, 91 en 89 procent.

Met een gemiddelde van 30 vogels in de getelde tuinen scoort de editie van 2018 iets beter dan 2016 en 2017 met respectievelijk 28 en 27 vogels per tuin. Minder positief was dat het roodborstje in minder tuinen aanwezig was dan vorig jaar, en wel met 10 procent: vorig jaar zat die in 80 procent van de tuinen, nu nog in 70 procent.

bron:hln.be

De appelvink meer dan 1000 maal gezien in Vlaanderen

Bekijk ook

Door veranderingen in de landbouw zijn veel broedvogels van het agrarische gebied in Nederland achteruitgegaan.

Ontwikkeling in Nederland De kenmerkende broedvogels van het agrarische gebied gaan in Nederland achteruit. Sinds ...

1 opmerking

  1. Dat de mees het meest geteld is ? Geeft aan dat het insectenbestand goed is .want om veel mezen te krijgen moet je veel insecten hebben.
    En niet zoal een natuur kenner een paar maand geleden schreef ? Dat door het vreten van de mezen aan fruit.? Dit ontstond omdat er te weinig insecten waren.
    En de boeren alles dood spuiten.
    Wat een lulverhaal.mezen worden groot met insecten en hoe meer insecten ? Hoe meer mezen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *